Ons Verhaal.

 

Een goede zwangerschap, ja dat was het wel, geen grote problemen, of hinderlijke klachten.

Gewoon een zwangerschap om op terug te kijken.

Wel een zwangerschap die anders was als de eerste, omdat het minder spannend was. We wisten tenslotte al veel van de vorige keer en het ging allemaal wat meer ontspannen.

Ook was het niet nodig om overal te gaan kijken voor babyspulletjes, want die hebben we nog. Ondanks dat wij er toch wat minder mee bezig waren, hoopten we wel elke dag dat het goed mocht gaan en dat we een gezond kindje in onze armen zouden mogen sluiten.

Dan de grote dag, het werd spannend toen de vliezen ‘s morgens vroeg om 4.50 uur braken.

Alles werd gecontroleerd door de verloskundige, die ‘s middags om 17.00 uur terug kwam en toen vond dat het hoofdje te gemakkelijk uit het bekken gewipt kon worden.

Naar het S.F.G. (Rotterdam): daar werd een echo gemaakt om te kijken of de navelstreng te zien was.De navelstreng werd niet gezien, maar er was geen belemmering voor een normale bevalling. Het echoapparaat was aan de oude kant, en de arts-assistent was ook niet echt bedreven in het maken van echo’s. Dit vertelde hij zelf tijdens het maken van de echo. Hij overlegde telefonisch met de dienstdoende gynaecoloog en besloten werd om er een poliklinische bevalling van te maken. 

Na een vermoeiende nacht werd om 6.15 uur onze tweede zoon geboren: Levinus Johannes van Boven (Levien). Op het moment van de geboorte bleek dat de navelstreng van Levien drie maal om zijn nekje zat en er zat ook een knoop in. De harttonen zijn tijdens de weeën de hele tijd gevolgd, maar het resultaat was dat levien levenloos werd geboren.

Vliegensvlug werd Levien afgenaveld en gereanimeerd, waarna Levien vrij snel weer zelfstandig ging ademen. In het begin leek het allemaal goed te gaan, maar Levien kreeg  convulsies en als gevolg hiervan stopte hij met ademen waardoor hij aan de beademing moest. Dus moesten we verhuizen naar het VU te Amsterdam, daar werd heel goed voor Levien, en ook voor ons, gezorgd.

We kregen snel te horen dat het belangrijk was wat de EEG’s in combinatie met de MRI-scan als uitslag zouden gaan geven. Ze waren allebei slecht, de MRI-scan was zelfs heel slecht: die gaf zoveel hersenschade aan dat de artsen het advies gaven om, in het belang van Levien, de behandeling stop te zetten.

Eerst hebben we Levien  nog laten dopen.

Dan komt de dag dat je zo’n mooi mannetje waar je al zoveel van houdt echt moet laten gaan.

Dat doet pijn, echt heel veel pijn. Levien is op 8 december 2001 overleden in het VU en we hebben zijn lichaampje thuis nog vijf dagen kunnen bewonderen.

Eerst heeft hij in zijn eigen wiegje gelegen en later in een kistje wat op een koelplaat stond op advies van de uitvaartverzorgers.

Het was goed dat  we Levien die laatste dagen bij ons thuis hadden, omdat we dan rustig op momenten dat het ons uitkwam naar hem toe konden gaan zonder dat we eerst een afspraak ergens moesten maken. Gewoon in onze eigen vertrouwde omgeving het besef krijgen dat ons kind, wat we zoveel hadden willen geven, is overleden. Ook voor Johan was het goed dat Levien thuis was. Zo kon hij met vragen komen over wat er nu eigenlijk met zijn broertje aan de hand was. Hij was goed voorbereid op de komst van een baby, maar dit was toch wel heel anders dan wat in de boekjes wordt verteld.

Op 13 december is Levien in besloten kring begraven. Johan  heeft zelf bloemen uitgezocht voor een eigen bloemstukje. Mooie feloranje bloemen met een lint waar opstond “Dag hele mooie baby:” want dat zei hij tegen mamma toen hij Levien  voor het eerst zag in het ziekenhuis. Hij vond het een hele mooie baby, en daar waren wij het helemaal mee eens want het was ook een prachtventje.
                                        

klik hier voor verder lezen

                                 
                         

 

 

Na de begrafenis kwamen we thuis en daar zaten we dan met zijn drietjes, een groot gemis. Het huis leger, we misten het kistje en ik kwam er achter dat ik er toch erg vaak naar stond te kijken, zelfs als ik in de tuin een sigaretje stond te roken keek ik automatisch even de slaapkamer in om naar Levien te kijken. Nu was hij er niet meer.

De eerste weken leefden we alsof er een dikke mist rondom ons hing, we beseften wat er gebeurd was, maar het drong nog niet echt door. In de weken erna kwam pas echt het besef en het verdriet dat we Levien kwijt zijn. Johan was in die moeilijke tijd onze houvast, voor hem moesten we door ook al hoefde het voor onszelf niet meer. Je doet wat je moet doen voor hem en maakt er voor die jongen het beste van maar het kostte veel moeite.

De wereld stond voor ons stil; buiten zag ik een vuilniswagen rijden en ik dacht: kijk die man werkt, hoe kan je nu toch werken.

Dan komt de tijd dat thuis de gesprekken veranderen in gesprekken over onze medische vragen, en later over de antwoorden die we daarop hebben gehad.

Na drie lange nagesprekken blijkt het in de medische wereld toch wel anders in elkaar te zitten als dat we dachten. De situatie waar wij mee te maken hebben, een drievoudige omstrengeling én een knoop, schijnt zeer zeldzaam voor te komen en er wordt bij een echo niet doelbewust naar een eventuele omstrengeling gekeken. Terwijl het toch niet veel meer werk hoeft te zijn, want een omstrengeling kunnen ze in principe zien. Als er nou toch een echo gemaakt wordt, waarom dan niet naar alles kijken wat een risico kan zijn tijdens de bevalling? Levien had er gered door kunnen worden, want voor de bevalling was Levien een kerngezond mannetje. Daar waren ook de gynaecologen het over eens. De omstrengelingen zaten vrij los om zijn nek, dus die hebben op zich de schade niet veroorzaakt. Alleen was de navelstreng te kort geworden door de omstrengelingen om Levien normaal geboren te laten worden en daardoor is de knoop tijdens het laatste stukje van de bevalling strak getrokken. Ze hadden het op de echo kunnen zien, maar ze kijken er niet doelgericht naar! Er is volgens de landelijke richtlijnen voor verloskunde gewerkt en dan valt er niemand wat te verwijten. Min of meer een geval van “operatie geslaagd, patient overleden.”

Ondanks die onbevredigende antwoorden merken we dat het verdriet ook veranderd, het is niet meer dat we de hele dag aan Levien denken, het verdriet overvalt ons opeens op de meest onverwachte momenten.

Doordat het verdriet verandert merken we ook dat we weer een beetje beter kunnen functioneren, al is de concentratie op het werk toch nog wel een probleem. Dingen die al jaren automatisch gaan, moeten we nu bij nadenken en dat geeft weer extra moeheid.

Wat bij ons goed werkt is om iets moois van het grafje van Levien te maken. We hadden al een grafmonumentje besteld, maar we wilden dat het in die tussentijd er ook mooi bij stond. Daarom hadden we met schelpen zijn naam gelegd in het zand. Nu staat Levien zijn monumentje er. We houden het mooi en schoon én we zorgen er voor dat het een mooi tuintje is. Het geeft ons een goed gevoel als het er verzorgd bij staat.

Op deze manier gaan we verder, we zullen Levien nooit vergeten. We hebben inmiddels drie kinderen* en niet twee, want ook al is Levien overleden, het is en blijft onze tweede zoon.

*Zie het hoofdstuk "een nieuwe zwangerschap".

 

We willen iedereen bedanken die ons op moeilijke momenten hebben geholpen.